Print deze pagina
« Vorige | Deze week | Volgende »

Nieuws van de Week

week 2,  2018

Inhoud

Colofon

Het nieuws van de week wordt samengesteld door diverse enthousiaste collega’s.

Indien u wilt reageren op het Nieuws van de Week, dan kunt u uw reactie sturen aan de redactie

KBvG nieuws

Planning digitalisering aangepast

De Rechtspraak werkt sinds een aantal jaren aan digitalisering en modernisering van juridische procedures. In alle rechtsgebieden zijn inmiddels eerste digitale stappen gezet. Maar het is ook duidelijk geworden dat het realiseren van digitaal procederen door de rechtspraak complexer is dan was voorzien en daardoor meer tijd en geld kost. De digitalisering vraagt om een transformatie van de hele juridische sector. Die is noodzakelijk om de rechtspraak ook voor de toekomst toegankelijk en betaalbaar te houden. De Rechtspraak gaat dan ook onverminderd door met de modernisering. Lees hier verder.

Nieuwe griffierechtentabel op website KBvG

We hebben de griffierechtentabel geupdated. Zie het overzicht via deze link.

Via Nederlandse rechter buitenlands gelegd beslag opheffen?

Als aan de Nederlandse voorzieningenrechter rechtsmacht toekomt, bijvoorbeeld omdat de gedaagden in Nederland woonachtig zijn, kunnen de exclusieve bevoegdheidsregels van artikel 22 EEX-Vo aan deze rechtsmacht niet in de weg staan—met dien verstande dat de vordering zo moet zijn ingesteld, dat de beslagleggers worden veroordeeld om het beslag zelf te doen opheffen. De Nederlandse rechter heeft geen bevoegdheid dit zelf (in het vonnis) te doen. Lees hier verder.

Wetgevingsnieuws

Antwoord op vragen over het Manifest Schuldvrij! en incassobureaus die te snel naar de rechter stappen

Leest u in antwoord op vraag 1, 2 en 3 onder andere:
«Heroverweeg de marktwerking voor gerechtsdeurwaarders» is in principe niet aan de orde. De toenmalig Minister van Veiligheid en Justitie heeft deze zomer wel een commissie ingesteld die onderzoek verricht en aanbevelingen doet om het stelsel van financiering van gerechtsdeurwaarders te actualiseren en toekomstbestendig te maken. In dit onderzoek zal ook aandacht zijn voor de marktwerking.

Tuchtrecht

ECLI:NL:GHAMS:2017:5487

Klacht tegen gerechtsdeurwaarders. Klaagster verwijt de gerechtsdeurwaarder dat deze misbruik heeft gemaakt van zijn in het kader van executie verleende bevoegdheid om informatie in te winnen over de bronnen van inkomsten van klaagster. De gerechtsdeurwaarder heeft zodoende bewijs over klaagster verzameld voor zijn opdrachtgever, welke informatie klaagster zelf niet wenste te verschaffen.

De kamer heeft de klacht deels gegrond verklaard en de gerechtsdeurwaarder de maatregel van berisping opgelegd.

Het hof vernietigt de bestreden beslissing en verklaart de klacht deels gegrond voor zover gericht tegen de gerechtsdeurwaarder. Het hof ziet af van het opleggen van een maatregel. Het hof verklaart de klacht ongegrond voor zover gericht tegen de overige gerechtsdeurwaarders.
 Lees hier verder.

ECLI:NL:GHAMS:2017:5490

Klacht tegen een (toegevoegd) gerechtsdeurwaarder. Klagers verwijten de gerechtsdeurwaarder dat de executie van het verstekvonnis niet rechtsgeldig is en dat de teveel geïncasseerde gelden niet voortvarend zijn terugbetaald. De kamer heeft de klacht deels gegrond verklaard en de gerechtsdeurwaarder ter zake daarvan de maatregel van berisping met aanzegging opgelegd.

Het hof is van oordeel dat een gerechtsdeurwaarder niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk is voor een gedraging die weliswaar is verricht binnen zijn organisatie maar waarbij hij in werkelijkheid in het geheel niet betrokken is geweest. Het hof vernietigt de bestreden beslissing, waaronder de aan de gerechtsdeurwaarder opgelegde maatregel en verklaart de klacht in al haar onderdelen ongegrond. Lees hier verder.

ECLI:NL:GHAMS:2017:5491

Klacht tegen een gerechtsdeurwaarder. Klaagster verwijt de gerechtsdeurwaarder beslagen te hebben gelegd ten laste van de debiteur zonder dat daaraan voorafgaand het vonnis aan de debiteur was betekend, wat de ongeldigheid van de beslagen met zich bracht. Daarbij komt nog dat de gerechtsdeurwaarder de kosten van deze onjuiste beslagen vervolgens ook nog aan haar heeft doorbelast. De kamer heeft de klacht gegrond verklaard en de gerechtsdeurwaarder de maatregel opgelegd van een geldboete van € 500,-. Het hof bevestigt de beslissing van de kamer. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:215 kamer voor gerechtsdeurwaarders

De klacht betreft het zich zonder behoorlijk onderzoek tegenover een derde kritisch uitlaten over een door een collega verzonden nota. De kamer overweegt dat beklaagde door zonder over alle relevante informatie te beschikken en zonder daarbij een voorbehoud te maken bij een derde de goede naam van klager in twijfel te trekken, niet heeft gehandeld als een goed gerechtsdeurwaarder betaamt. Geen maatregel opgelegd. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:214 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Diverse onduidelijkheden in de communicatie en correspondentie vanuit het kantoor van de gerechtsdeurwaarder. In het dossier van de moeder van klager zijn verschillende fouten gemaakt die niet kunnen worden bestempeld als een enkele vergissing. Een dergelijke reeks van fouten betaamt een zorgvuldig handelend gerechtsdeurwaarder niet. De klacht wordt gegrond verklaard en er wordt de maatregel van berisping opgelegd. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:213 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Dreigen met een beslag op roerende zaken en vervolgens plotseling bankbeslag te leggen waardoor klager zich voelt misleid. De klacht wordt ongegrond verklaard. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:212 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Beslissing op verzet. Onduidelijkheden in een dossier onder meer met betrekking tot de in rekening gebrachte rente. Klaagster verwijt de gerechtsdeurwaarder onzorgvuldig handelen. De kamer is het niet met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet gegrond. Toen bij klaagster de indruk was ontstaan dat er iets niet klopte en haar gemachtigde de gerechtsdeurwaarder verzocht te reageren op de berekende rente, had het op de weg van de gerechtsdeurwaarder gelegen om inzichtelijk te maken hoe de rente was berekend. Dat heeft hij niet gedaan. Ook kon niet worden verklaard waarom in het online-dossier van de gerechtsdeurwaarder, een zeer hoog bedrag aan rente stond vermeld. De klacht wordt deels gegrond verklaard en er wordt de maatregel van berisping opgelegd. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:211 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Tenuitvoerlegging beschikking. Rechtsgeldige titel? De kamer overweegt dat het door de gerechtsdeurwaarder ingenomen en met argumenten onderbouwde standpunt verdedigbaar is en niet in strijd met de tuchtrechtelijke norm. Het ligt niet op de weg van de tuchtrechter om verder op de inhoudelijke beoordeling van dit civielrechtelijke geschil in te gaan. De klacht wordt ongegrond verklaard. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:210 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Niet reageren op verzoeken om informatie. De klacht wordt gegrond verklaard. Gelet op de vaste jurisprudentie inzake dit onderwerp, wordt de maatregel van berisping opgelegd. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:209 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Ondanks bereidheid tot het treffen van een betalingsregeling worden beslagen gelegd. Onjuiste beslagvrije voet ? Beslagen proportioneel. Betalingsvoorstel onvoldoende geconcretiseerd. Aanpassen beslagvrije voet afhankelijk van informatie van degene die daarom verzoekt. Op het moment van indiening van de klacht waren nog niet alle gegevens door klaagster aangeleverd waardoor de beslagvrije voet niet eerder correct kon worden berekend. De klacht wordt ongegrond verklaard. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:205 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Beslissing op verzet. Domiciliekeuze ? De kamer verklaart het verzet deels gegrond. Uit niets blijkt dat klaagster domicilie heeft gekozen op het door de gerechtsdeurwaarder vermelde adres. Uit het enkele feit dat klaagster zich heeft laten vertegenwoordigen door een persoon die over de vordering op klaagster heeft gecommuniceerd en betalingen heeft gedaan, kan niet de conclusie worden getrokken dat klaagster aldaar domicilie heeft gekozen. De redenering van de gerechtsdeurwaarder kan niet worden aanvaard. Dat het hier een aangelegenheid betrof die het kantoor of filiaal van de vertegenwoordiger van klaagster betrof zoals artikel 1:14 BW vereist, is niet gebaseerd op de feitelijke gang van zaken.De klacht wordt gegrond verklaard. Omdat het hier gaat om een ernstig tuchtrechtelijk vergrijp, door de handelwijze van de gerechtsdeurwaarder is de rechter verkeerd voorgelicht, wordt een schorsing opgelegd voor de duur van twee weken. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:204 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Betekening dagvaarding. Is de dagvaarding wel of niet betekend? De kamer kan niet als vaststaand aannemen dat de dagvaarding niet aan klaagster is betekend en verklaart de klacht ongegrond. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:197 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Beslissing op verzet. Bankbeslag. Het verzet is deels gegrond. Onder de in de beslissing geschetste omstandigheden had de gerechtsdeurwaarder kunnen weten dat het door hem als laatste reële executiemiddel aangeduide bankbeslag, geen soelaas zou bieden om tot verhaal van de vordering te komen. Het leggen van bankbeslag had daarom achterwege moeten worden gelaten. Dit klachtonderdeel wordt gegrond verklaart. Er wordt geen maatregel opgelegd. Het verzet wordt voor het overige ongegrond verklaard. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:199 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Beslissing op verzet. Het verzet is deels gegrond. De voorzitter had klager -voor zover de klacht betrekking had op de betekening van de dagvaarding op het verkeerde adres- niet-ontvankelijk moeten verklaren wegens de overschrijding van de termijn waarbinnen de klacht had moeten worden ingediend. De kamer verklaart klager in die klacht niet-ontvankelijk. Het verzet wordt voor het overige ongegrond verklaard. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:196 kamer voor gerechtsdeurwaarders

De klacht betreft het niet reageren op brieven, het zich niet aan de regels houden en er nog steeds geen concrete afspraken zijn gemaakt. Alle klachten worden ongegrond verklaard. Lees hier

ECLI:NL:TGDKG:2017:194 kamer voor gerechtsdeurwaarders

In de van de gerechtsdeurwaarder ontvangen correspondentie is klager geconfronteerd met tegenstrijdige berichten. Dat hierdoor bij klager verwarring is ontstaan wordt begrijpelijk geacht. Daarnaast is een brief van klager niet binnen een redelijke termijn en ook nog onvolledig beantwoord. Een optelsom van slordigheden waardoor dit klachtonderdeel gegrond wordt verklaard en de maatregel van berisping wordt opgelegd. De overige klachtonderdelen worden ongegrond verklaard. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:195 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Verzoek tot schorsing ex artikel 38 Gdw in afwachting van de beslissing op de klacht. Verzoek toegewezen. Hoger beroep ingesteld. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:193 kamer voor gerechtsdeurwaarders

De klacht betreft dat er meer is geïncasseerd dan de vordering, dat de bank het teveel geïncasseerde bedrag heeft verrekend met de roodstand, klager geen eindafrekening is verzonden en geen antwoord werd gegeven op e-mails. De klachten worden ongegrond verklaard. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:188 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Er worden brieven met sterk wisselende bedragen aan klaagster verzonden. Op een inhoudelijk verweer van de gemachtigde wordt niet gereageerd. Klacht gegrond. Omdat niet kan worden gesproken van het maken van een enkele fout wordt de maatregel van berisping opgelegd. Lees hier verder.

ECLI:NL:TGDKG:2017:185 kamer voor gerechtsdeurwaarders

Beslissing op verzet. Tenuitvoerlegging van een vonnis, bezwaar tegen de openbare verkoop en de aanplakking van het executiebiljet. Overwegingen met betrekking tot de plaats van de openbare verkoop. Niet ontvankelijk in voor het eerst in verzet aangevoerde klachten. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond. Lees hier verder.

Jurisprudentie

Rechtbank Den Haag 26 september 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:14822

Incident in executiegeschil artikel 438 Rv. Bevoegdheid kantonrechter.

Rechtbank Overijssel 13 november 2017, ECLI:NL:RBOVE:2017:4799

Verzet tegen verstekvonnis. Ontruiming woning.

Rechtbank Rotterdam 1 december 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:10285

Verzoek dwangakkoord gebaseerd op BBZ-krediet afgewezen. Onvoldoende aannemelijk dat aanbod daadwerkelijk tot sanering van de schulden zal leiden.

Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 7 december 2017, ECLI:NL:OGEAC:2017:202

Executierecht. Verbod aan Bank om een onroerende zaak te veilen. Misbruik van recht.

Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba Datum 19 december 2017, ECLI:NL:OGHACMB:2017:144

Aruba. Vervolg op ECLI:NL:OGHACMB:2017:110. Betekening niet-verschenen buitenlandse geïntimeerde.

Rechtbank Limburg Datum 20 december 2017, ECLI:NL:RBLIM:2017:12604

Opheffen meerdere beslagen

Rechtbank Midden-Nederland 20 december 2017, ECLI:NL:RBMNE:2017:6335

Kanton. Geldvordering. Rauwelijks dagvaarden. Direct Pay wordt in de buitengerechtelijke kosten en de proceskosten veroordeeld, omdat zij pas bij conclusie van repliek stukken heeft overgelegd die de vordering inzichtelijk hebben gemaakt.

Rechtbank Oost-Brabant 2 januari 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:15

Derde pretendeert pandrecht(en) op vorderingen waarop door executant beslag is gelegd. Derde wordt ex art. 438 lid 5 Rv niet ontvankelijk verklaard omdat hij uitsluitend de executant en de geëxecuteerde niet heeft gedagvaard. De voorzieningenrechter komt uit proceseconomische overwegingen met een inhoudelijke beoordeling ten overvloede. De executant heeft de vordering van de eerste pandhouder van de vordering van de schuldeiser op de geëxecuteerde “overgenomen”. Met de vordering heeft de executant op grond van art. 6:142 BW tevens de door de eerste pandhouder verworven executoriale titel verkregen en kan hij voor zijn vordering op de geëxecuteerde op de vorderingen van de geëxecuteerde op derden beslag leggen. Omdat de pandakte tussen de derde en de geëxecuteerde bepaalt dat de derde de pandrechten te allen tijde openbaar kan maken, kon de derde op grond van art. 3:239 lid 3 BW na de executoriale beslagen (het) door haar gepretendeerde pandrecht(en) openbaar maken. Daardoor gaat de inningsbevoegdheid in beginsel van de deurwaarder “over” op de pandhouder. De derde heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij op grond van art. 3:239 lid 1 BW (een) pandrecht(en) heeft omdat zij geen getekende huurovereenkomsten heeft overgelegd waaruit blijkt dat de huurovereenkomsten “waarop” beslag is gelegd op het moment van de verpanding al bestonden. De executant heeft de door de derde gestelde pandrechten op de vorderingen van de geëxecuteerde op haar huurders op grond van art. 3:45 BW vernietigd. De derde heeft alleen een proefbalans overgelegd en overigens geen informatie omtrent de verpanding verschaft. Niet uitgesloten is dat het beroep van de executant op art. 3:45 BW slaagt. Conclusie is dat de huurders voorshands de huur aan de deurwaarder “van” de executant dienen te betalen. De derde kan op grond van art. 480 jo 481 Rv een rangregeling verzoeken.

Gerechtshof 's-Hertogenbosch Datum 2 januari 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:40

Ontbinding huurovereenkomst woonruimte vanwege aanwezigheid meerdere vuurwapens, patroonhouders en grote hoeveelheid munitie en aanwijzingen voor criminele activiteiten vanuit het gehuurde en vanuit de directe omgeving daarvan (vlak achter het gehuurde gelegen garageboxen).

Rechtbank Limburg 4 januari 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:73

In kort geding ontruiming van de woning bevolen omdat huurster voortdurend overlast veroorzaakt en alternatieve middelen (zoals gesprekken en begeleiding) niet tot een ander gedrag hebben geleid.

Rechtbank Gelderland 4 januarti 2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:20

Wrakingsverzoek afgewezen. Het opvragen van een invorderingsbeschikking bij het bestuursorgaan leidt niet tot (objectief gerechtvaardigde schijn van) partijdigheid.

ECLI:NL:RBNHO:2017:11168

Kantonrechter wijst in "gewone taal" verzoek om vaststelling van een beslagvrije voet af. Lees hier verder.

ECLI:NL:RBROT:2017:10258

Kort geding. Afwijzen vordering opheffing conservatoir beslag onder verzekeringsmakelaar. Verzekeraar weigert dekking voor GA-schade waardoor containertransportbedrijf zekerheid heeft moeten stellen voor US% 10 mln. Niet aannemelijk dat verzekeraar dit ten onrechte doet. Bedoeling was dat GA-schade ook onder dekking zou vallen. Niet uitgesloten dat verzekeringsmakelaar aansprakelijk kan zijn voor dit gat in de dekking. Lees hier verder.

ECLI:NL:RBGEL:2017:6877

Kort geding. Opheffing conservatoir beslag. Eigenbeslag. Zorgverzekeraar VGZ heeft terecht onder zichzelf beslag gelegd op geld dat zij aan zorgverlener Ciran verschuldigd is. Het beslag wordt niet opgeheven. Lees hier verder.

Agenda

januari

11

Nieuwjaarsbijeenkomst Raad voor de Rechtspraak

12

Stuurgroep Privacyhandboek gerechtsdeurwaarders

12

Commissie Herijking Btag

16

Interview evaluatie Bureau Financieel toezicht

19

Stuurgroep Privacyhandboek gerechtsdeurwaarders

19

Overleg ketenoptimalisatie Raad voor de rechtspraak

23

Overleg ministeries preadvies bankbeslag en bvv

25

Afscheidssymposium Ineke van den Berg

26

Commissie Toetsing KBvG Normen voor kwaliteit

26

Stuurgroep Privacyhandboek gerechtsdeurwaarders

Actualiteiten

Pijnpunt blijft, vijf jaar na ‘Leeuwarden’

Het Manifest van Leeuwarden, dat eind 2012 door bijna 750 rechters en raadsheren werd ondertekend, heeft er niet toe geleid dat financiering van de rechtspraak nu losstaat van de politiek. Vooralsnog gaat dat ook niet gebeuren. Lees hier verder.

Overzicht proceskosten civiele zaken 2018

Het onderstaande overzicht bevat de proceskosten in civiele zaken in eerste aanleg en hoger beroep. U ziet wat een gerechtelijke procedure kost qua verschotten en welke kosten de wederpartij moet vergoeden na proceskostenveroordeling. Tevens zijn de wettelijke rente en incassokosten verwerkt. Lees hier verder.

Onder bestaansminimum gezet door het UWV

De belastingdienst heeft beslag gelegd op een WIA uitkering en de beslagvrije voet berekend op basis van de gegevens die ze hebben ontvangen. Vervolgens heeft de deurwaarder ook beslag op de uitkering gelegd. De deurwaarder geeft een lage beslagvrije voet aan het UWV door omdat hij geen informatie van de debiteur heeft ontvangen. Het UWV hanteert als beleid dat ze uitgaat van de laagste beslagvrije voet. De extra beslagafdracht maakt het UWV over aan de belastingdienst, met als gevolg dat de debiteur ver onder het bestaansminimum komt. De Nationale ombudsman oordeelt als volgt. Lees hier verder.

Nieuwe hoorzitting over gesubsidieerde rechtsbijstand op 25 januari

De Vaste Kamercommissie voor Justitie en Veiligheid houdt op donderdag 25 januari een nieuwe hoorzitting annex rondetafelgesprek over het stelsel van gesubsidieerde rechtsbijstand. De bevindingen van de commissie Van der Meer over het huidige stelsel vormen de aanleiding voor de hoorzitting, die wordt gehouden op initiatief van PvdA, SP en GroenLinks. Lees hier verder.